AAN TAFEL MET...
JESSE STROOBANTS

Mijn motto ? Leef !
Jesse Stroobants begint zijn "loopbaan" met een jaar verlof zonder wedde

De Belgische elite was in de Crosscup voor de mannen gemakkelijk te herkennen. Al onze kleppers liepen in hetzelfde geel met zwart – in loondienst bij het team Atletiek Vlaanderen. Jesse Stroobants viel er des te meer door op. Plots mengde zich daar een atleet met een rood wit shirt in de debatten. Een kleurverschil met betekenis. Jesse krijgt voorlopig bijvoorbeeld géén maandwedde om te lopen. Maar dat is niet het enige dat deze belofte uitzonderlijk maakt.Jesse Stroobants aan het werk in Roeselare (Foto: Luc PAPPENS)

Op zijn drieëntwintigste heeft Jesse Stroobants zich afgelopen zomer voor het eerst volledig op de atletiek kunnen toeleggen. Hij studeerde in juni vorig jaar af als handelsingenieur aan de K.U.Leuven en besloot niet meteen werk te gaan zoeken. In plaats daarvan wijdde hij zich aan trainen. Een hele zalige zomervakantie lang.

Jesse: "Als ik start als handelsingenieur bij een bedrijf mag ik mijn loopcarrière vergeten. Daar maak ik me geen illusies over. Daarom heb ik die stap nog even uitgesteld. Ik heb me na de vakantie in oktober ingeschreven voor een extra studiejaar aan de universiteit omdat ik zo sociaal in orde blijf. Maar ik ben eigenlijk niet meer van plan om examens af te leggen. Voor 512 euro – de prijs van het inschrijvingsgeld – heb ik me een jaar de vrijheid gekocht om aan atletiek te doen."

"Ik beschouw mezelf als een professioneel atleet zonder zekerheid van inkomen. In de Crosscup heb ik wel een aardige spaarcent verdiend. Maar niet genoeg om bijvoorbeeld zomaar thuis weg te trekken. Het team Atletiek Vlaanderen zou een ideale uitkomst bieden. Atletiek Vlaanderen betaalt atleten een vaste maandwedde. Maar de keet zit vol tot de herfst – wanneer de selectie opnieuw zal worden bekeken. Daarom wordt het een belangrijke zomer voor mij. Ik zal op de piste de progressie die ik nu in de crossen maakte moeten bevestigen. Ik zal ferme papieren moeten voorleggen om de selectieheren te overtuigen – want mijn prestaties van deze winter zullen ze tegen dan al lang vergeten zijn."

"Bloso ? Daar selecteert men tot nu toe enkel pistiers. Ik kan eventueel ook zelf sponsors zoeken, bijvoorbeeld in combinatie met een halftijdse baan. Maar dan wordt het moeilijk om het maximum uit mijn lijf te halen."

"Het tijdstip waarop de kandidaten voor het team Atletiek Vlaanderen worden gewogen is in oktober. Dan eindigt het atletiekjaar. Tot dan heb ik dus de tijd om me in de gunst te rennen als ik in het najaar helemaal op mijn eigen benen wil gaan staan. Dat is kort dag hé…"

Mijn motto ? Leef !Zowel op de 5000m als op de tien kilometer liep je afgelopen zomer matige records (14.19.02 resp. 30.27.38). Waar haalde je de overtuiging om toch niet meteen je diploma te verzilveren ?
"Als junior eindigde ik in de crossen al vooraan. Ik droeg al eens de gele leiderstrui van de Crosscup. Maar het lot was streng. Ik werd een keer vijfde in het Belgisch kampioenschap cross in het jaar dat er uitzonderlijk slechts twee atleten naar het wereldkampioenschap werden gestuurd. En in Roeselare, de selectiewedstrijd voor het Europees kampioenschap, viel ik uit de boot toen er maar vier in plaats van gewoonlijk vijf juniores werden geselecteerd."
"Daar waar een junior al een reuze stap moet zetten om bij de echte mannen een voet mee te kunnen, kroop ik achter de studieboeken. Bovendien kreeg ik af te rekenen met een hardnekkige knieblessure die mij al gauw twee jaar koste."

Enkele maanden van doorgedreven training en je klom meteen op het Belgische podium van de Crosscup. Je had je al veel eerder volledig aan de atletiek moeten wijden !
Ik kijk niet met spijt terug op mijn aanpak. Aan de K.U.L. heb ik nooit naar een topsportstatuut verlangd om mijn examens te kunnen spreiden. Ik verkoos de korte pijn in juni en legde mij dan maar bij die ene trainingsloze maand neer. Mijn diploma behalen vond ik heel belangrijk. Ik ben er fier op."
"Bovendien zijn er in België geen mogelijkheden voor studenten om hun sportcarrière echt voorrang te geven. Of het moet één enkele middelbare topsportschool zijn. Ik denk dat de mensen nogal raar zouden hebben opgekeken als ik na mijn humaniora doodleuk zei:
"en nu ga ik 100 procent voor de atletiek !" In Nederland zal dit wellicht anders liggen. Of neem de V.S., daar kun je van universiteiten een beurs krijgen als je een kei bent in jouw sportdiscipline."
"Atletiek heeft ook nadelen tegenover andere sporttakken. In het voetbal bijvoorbeeld kun je jezelf al op je 17de bewijzen. In de atletiek is zoiets onmogelijk. Hoe dan ook, ik ben pas 23 jaar. Dat vind ik ook nog steeds jong!"

 Jesse rond het Zilvermeer te Mol. (Foto: Koen)Je zegt ‘alles op alles’ te zetten. Hoe vul je die ‘alles’ in ?
"Alles betekent vooral: alle nodige tijd om te rusten – tijd om mijn lichaam goed te kunnen verzorgen en om geestelijk niet onder spanning te staan. Ik maal meer kilometers af als toen ik student was. Maar ik train niet zoveel harder. Ik spreid de inspanningen meer. Nu trek ik twee maal daags mijn loopschoenen aan terwijl dat vroeger in de regel één keer was. ’s Ochtends ga ik ongeveer een halfuur loslopen en dan nog stretchen. De tweede dagtraining duurt anderhalf uur plus terug de rekoefeningen. Tussendoor ga ik al eens op mijn bed liggen – maar niet systematisch. Ik heb dus nog tijd zat. Dat is heerlijk."

Tijdens de Crosscup wedstrijden verscheen je op de beeldbuis bij de mensen thuis ! Kwam je niet met knikkende knieën aan de start? Of ben je iemand die een kick krijgt van de camera-aandacht ?
"De eerste keer dat je naam vermeld wordt in het TV journaal doet iets. En ik had het gevoel dat we werkelijk hard kwamen aanstormen, de eerste maal achter de TV - motards aan. Maar het went gauw. Ik ben er eigenlijk niet zoveel mee bezig. Wat wel veranderd is, is dat het resultaat dat ik behaal niet meer van mij alleen is. Als ik aan de start sta weet ik dat andere mensen mij zullen volgen. Bij goede wedstrijden is dat aangenaam, maar mijn eerste opdoffer in Dour werd ook gezien en besproken."
"Aan stress ga ik voorlopig niet ten onder. En of een cross door de televisie verslaan wordt of niet, heeft geen invloed op mijn inspanning. Op de Sylvestercross in het Nederlandse Soest bijvoorbeeld liep ik een dijk van een wedstrijd maar alleen een handvol liefhebbers kan het navertellen."
"Mijn anonimiteit van vóór de Crosscup speelde mij trouwens parten in de eerste manche in Zwijnaarde. Twee weken voor de aanvang van het crosscriterium maalde ik op een meeting van Miel Puttemans in één uur net geen twintig kilometer af (19.686m). De negende prestatie ooit in België. Maar Crosscup – organisator Jos van Roy had het niet opgemerkt. Namen waarbij ik de wenkbrauwen frons, kregen een contract waardoor ze in aanmerking kwamen voor een aparte Belgische prijzenpot. Mij bood hij pas zo een overeenkomst ná mijn derde stek in die eerste cross. Zo liep ik in Zwijnaarde 500 euro mis."

 Piramide

Jesse keerde een week voor de finale voor de Crosscup in Dour terug van een veertiendaags trainingskamp in Matalascañas (Zuid – Spanje). Niet zonder trots somde Jesse meteen de namen van de kleppers op waarmee hij in de buurt van Sevilla optrok. "Tom Van Hooste, Benny Vansteelant, Pieter Desmet, Miek Vyncke, Bart Evens. We vormden een gezellige bende. En mijn inwijding verliep heel vlot. Na een tweetal dagen leek het of ik al sinds jaren optrok met Tom en Pieter. Hun grote namen vielen meteen weg."

Was het er goed trainen ?
"Matalascañas is een toeristische stad, in januari in volle winterslaap. Op een boogscheut ligt een nationaal natuurpark. Een golvend landschap van lage bebossing met rode zandwegen dooraderd. Ik waande me een loper op het Afrikaanse continent aan de overkant. Het was er prachtig. We werkten de rustige trimlopen in groep af. Het harde tempowerk deden we individueel, elk op zijn niveau"

Je achterstand op Tom Van Hooste in de crossen loopt snel op tot driekwart minuut. Kun je die kloof dichten ? Hoeveel progressie kun je nog maken ?
"Uit de achterstand op Tom Van Hooste trek ik geen negatieve conclusies. De atleten die ik net achter mij laat halen ook een hoog niveau. Ik heb zeker marge maar het is gissen naar wat ik kan bereiken. Ik droom wel. Ik wil proberen om het niveau van Tom te halen. Maar in sport krijg je nooit garanties. Op het EK heb ik heel sterk gelopen. Het was de eerste keer dat ik daarin aantrad. Ik werd dertigste. Dat is niet om me te schamen, ik ben er heel fier op. Maar evengoed blijft het mijn beste EK ooit. De toekomst zal uitwijzen welke mijn progressiemarge is. Van Tom Van Hooste zelf kreeg ik trouwens complimenten over de constante in mijn prestaties tijdens het Crosscup criterium en op het EK. Ook in de Sylvestercross- de Nederlandse topwedstrijd in Soest- eindigde ik mooi vijfde in gezelschap van de beste Nederlanders."
"Laat me zeggen dat ik toch wel de ambitie heb om de beste van mijn generatie te worden. Hans Janssens en Maarten Van Steen hebben mijn leeftijd. Bert Leenaerts is ook in 1980 geboren maar dat is een halve fondloper. Pieter Desmet beschouw ik niet als generatiegenoot. Hij is drie jaar jonger maar loopt wel al even hard als ik. Hij is een veel grotere belofte dan mezelf."

 Maar waar ligt je doel ? Wat wil je eigenlijk bereiken ?
"Moeilijk te beantwoorden." (maar vervolgt onmiddellijk) "Ik wil veel meer selecties voor internationale kampioenschappen behalen! Mijn deelname aan het EK in Edinburgh van de winter smaakt naar meer. Maar als je chrono’s op de piste wil ? Ik heb geen getallen in mijn hoofd geprent. Ik hoop en verwacht onder de 29 minuten te lopen op de langste pisteafstand en denk aan minstens 13.45 op de vijf kilometer. Maar ik zoek vooral op het einde van mijn parcours het gevoel over te houden er alles voor gedaan te hebben."

Wat verwacht je op het komende Belgisch kampioenschap in Oostende ?
Gezien mijn ereplaatsen in de Crosscup zou ik toch een selectie moeten kunnen afdwingen voor de wereldkampioenschappen in Brussel. In de startbox krijgen zes thuislopers een stek. Natuurlijk zou ik ontgoocheld zijn als ik er naast greep. Een WK cross voor eigen publiek ! Dat is uniek. Wat zou het schitterend zijn als ik me dan kon tonen. Als ik moet kiezen tussen een medaille op het BK en een selectie voor de sterkste veldloop ter wereld ? Een WK ticket is me natuurlijk veel meer waard, maar het ene sluit het ander niet uit!

Hoe zie je het Belgische veldlopen de komende jaren evolueren ? Wat als Van Hooste, inmiddels 33 jaar, straks definitief naar de marathon opschuift ?
"Het is van Vincent Rousseau geleden dat we nog een wereldtopper hadden in het afstandlopen. Tom Van Hooste is de enige die in het veldlopen in de buurt van zijn niveau geraakt is. De 13.20 op de 5000m van Tom Compernolle mogen we ook niet te vergeten. Misschien krijgen we de komende jaren heel spannende wedstrijden met een piramide zonder top."

Je woont nog bij je ouders in. Je trainingsspullen wassen. Koken. Aan huishouden heb je wellicht geen kopzorgen ? Is dat ideaal voor een topsporter ?
"Als ik ’s avonds thuis kom staat inderdaad een dampend gevuld bord klaar. Maar ik ben niet te beroerd om een aardappel te schillen! En mijn trainingsspullen wassen vind ik niet zo erg. Die hoef je niet te strijken!"
"Weet je, ik woon bij mijn pa. Mijn ouders zijn gescheiden. Daar ben ik vrij zelfstandig door geworden. Maar het zijn niet alleen die praktische omstandigheden die me zo hebben gemaakt. Het heeft ook te maken met de houding van mijn vader tegenover het leven. Hij heeft me bijvoorbeeld nooit gepusht in mijn keuze voor het lopen. Dat zou ik ook niet verdragen. Hij geeft nooit commentaar op mijn doen en laten. Hij gunt mijn zus en mezelf de nodige vrijheid. Mijn zus Iebe wilde meer tijd voor zichzelf. Ze vulde dat in door een in Guatemala mee te gaan werken in de ontwikkelingshulp. Dat werd thuis toegejuicht. Mijn vader is van het principe:
"doe wat je graag doet. Leef!"

Interview: Piet Desmet

Is er een nieuwe Mon Van den Eynde aan het werk ?
Wijlen professor en atletiektrainer Mon Van den Eynde ‘maakte’ lopers van wereldformaat. Daarom kleeft er op de recordtabellen bij Daring Club Leuven Atletiek (DCLA) nog veel oud stof. Maar een nieuwe generatie afstandlopers en -loopsters veegt door haar knappe prestaties de nostalgie van DCLA naar haar vroegere weelde weg. Jesse Stroobants, een van de vaandeldragers, geeft uitleg.

Ken je de grote namen uit het glorierijke verleden van jouw club DCLA (Daring Club Leuven Atletiek) ?
Roelants, Puttemans, De Beck, Polleunis, De Hertoghe. Ik heb ze allemaal al ontmoet. Gaston kom je overal tegen. Straks gaat zijn naam ook nog eens op ons nieuw atletiekstadion in Kessel-Lo prijken. Ik vind het leuk dat de geschiedenis van DCLA zo rijk is. Maar verder doet het me niet zoveel. Het maakt voor mijn motivatie niets uit.

De huidige generatie talenten van DCLA moet dan toch een stimulans betekenen ? We noemen maar Ridouane Es-Saadi, Bart Evens, Sigrid Vanden Bempt, Veerle Van linden. Ben je een produkt van een nieuwe Leuvense lopersschool ?
A la Mon Van den Eynde ? Ik ben een produkt van Leuven. Dat wel. Maar van een school kun je niet spreken. Bart is een trainingsmakker en we delen dezelfde trainer. Maar bijvoorbeeld Ridouane, Sigrid en Veerle hebben allen een andere begeleider.
Het grote succes van DCLA vandaag heeft heel veel met de persoon van Eddy Fraiture te maken. Zijn voorzitterschap is het beste wat DCLA is overkomen in jaren. Vroeger waren er altijd zoveel strubbelingen. Nu komt iedereen aan zijn trekken. Er is een uitstekende website. Een goed draaiend secretariaat. En één van de beste jeugdwerkingen van het land.
Neem mezelf. Mijn ontwikkeling van uit de jeugdopleiding tot topper is een verdienste van de club. Maar de aantrekking van nieuwe topatleten, zoals bijvoorbeeld Veerle Van linden, is dat net zo goed ! Ze komen naar Daring omdat het hier zo goed vertoeven is.

Wie in de club heeft jou dan zo goed gemaakt ?
"Mijn jeugdtrainer was Koen Huybens. Als junior kwam ik met een groepje terecht bij Wim Wouters bij wie ik nog altijd train. Met Wim Wouters heb ik een perfecte relatie, een heel hechte band. Hij weet waar hij mee bezig is, hij kent zijn materie. En hij kent mij. door en door. Bij Wim kan ik met alles terecht. Hij is dus niet louter mijn atletiektrainer.
Ook de hele groep atleten die bij Wim traint maakte me goed. Niet alleen Bart Evens omdat ie hetzelfde niveau haalt. Ik ben een echt groepsbeest. Samen, in groep vertrekken voor een nieuwe training : dat heeft toch iets speciaals. Als je zoveel tijd met elkaar aan atletiek spendeert wordt die kliek je sociale wereld, en dan is het maar een geluk dat er zoveel verscheidenheid zit in de karakters of in de interesses van de lopers.Tobias Van Os bijvoorbeeld wordt binnenkort papa. Wel, we leven allemaal naar de geboorte toe !

Hoe lang loop je al ?
Het moet al meer dan tien jaar jaar geleden zijn dat ik als groentje naar de atletiek trok. Mijn maat Wouter Huybens liep al. Wouter is trouwens nog steeds mijn beste vriend. Hij heeft mij geïntroduceerd. Een goeie zet !